De NPO zal dan toch geen kandidaat afvaardigen voor het Eurovisiesongfestival in Burgas. In een persbericht vanochtend laat ze weten dat ze na overleg met alle omroepen “de pauzeknop indrukt”. De uitzending blijft wel in handen van de NOS.
Aan drama en cliffhangers geen gebrek wat betreft de Nederlandse deelname aan het Songfestival 2027. Eerst trok de AVROTROS zich voor de tweede keer op rij terug, waardoor de NPO de fakkel overnam.
Zij besloot alsnog een delegatie en inzending te verzorgen en kreeg daarbij zelfs een helpende hand van Talpa aangereikt.
Maar net wanneer er druk gespeculeerd werd over drie topkandidaten, voelt de NPO nu toch te veel druk en kritiek om nog door te zetten. Jet de Ranitz, bestuursvoorzitter van de NPO, legt de beslissing uit:
We begrijpen dat dit een teleurstelling is voor iedereen die zich verheugt op een Nederlandse inzending bij het Eurovisiesongfestival. Wij vinden het als NPO belangrijk dat we alle Nederlanders bedienen, dus ook de groep mensen die het festival een warm hart toedraagt en graag ziet dat Nederland weer meedoet. We zijn er namelijk van overtuigd dat het Songfestival bij de publieke omroep hoort, als een van de grootste internationale culturele evenementen rond muziek, verbinding en diversiteit.
Onvoldoende draagvlak
De NPO heeft volgens de Ranitz sinds hun toezegging gesprekken gevoerd met de andere omroepen om een inzending vorm te geven, maar daar is ze niet in geslaagd.
Om die reden en door alle publieke verontwaardiging rond het thema hebben ze geconcludeerd dat de editie in Burgas toch te vroeg komt.
Jurre Bosman, directeur Media bij de NPO, verdedigt de beslissing:
We weten al langer dat de deelname van Israël verschillende reacties oproept in de maatschappij en voor discussie en verdeeldheid zorgt. Dat is ook onder omroepen en medewerkers het geval en wij begrijpen die gevoeligheid. We willen alleen een artiest of artiesten en medewerkers naar het festival sturen, als zij op volle steun van een of meer omroepen kunnen rekenen. Alleen zo kunnen zij het belang van muziek, cultuur, diversiteit en verbinding op de juiste manier uitdragen.
Bosman drukt wel op het belang van contacten met de EBU:
We blijven met in gesprek over de toekomst van het Songfestival. Want we zijn ervan overtuigd dat het evenement weer een plek van muziek en verbinding kan worden, waar ruimte bestaat om maatschappelijke thema’s bespreekbaar te maken. We zien dat de EBU bereidwillig is om die belangrijke stappen te zetten. Wij zullen hier als NPO aan blijven bijdragen.
Laatste waterkansje?
Een Nederlandse kandidaat in Burgas lijkt daarmee definitief van de baan, al kan de NPO altijd nog de NTR aanwijzen als verantwoordelijke.
Binnen de Nederlandse mediawetgeving moet de NTR namelijk hiaten in de programmering opvangen.
Maar volgens de Ranitz gaat ze dat niet doen: “Als we concluderen dat het onderwerp dusdanig gevoelig is dat het voor zulke verdeelde reacties zorgt, vind ik het onverantwoord om een omroep te verplichten de organisatie van 2027 op zich te nemen.”
Begrip vanuit de EBU
Ook de EBU heeft zopas gereageerd. In een verklaring zijn ze “diep betreurd” dat Nederland toch niet deelneemt, maar hebben ze begrip en respect voor hun beslissing en de gevoeligheden errond:
Nederland is als medestichter van en eerste deelname aan het Songfestival een gewaardeerd, creatief lid van de Eurovisiefamilie. We erkennen dat de meningen verdeeld zijn in alle landen en dat elke publieke omroep die afweging moet maken voor haar publiek. We geloven echter ook dat het Songfestival waardevol is in zo’n verdeelde wereld en waken over de geest van eenheid tijdens de shows. We hopen snel opnieuw een Nederlandse kandidaat te verwelkomen, wanneer de omroep en kijkers daar de tijd rijp voor achten.
Uitzending niet ter discussie
Het is niet duidelijk of de NPO nu een boete boven het hoofd hangt, omdat ze zich terugtrekken na de deadline van 15 oktober.
De halve finales van 11 en 13 mei en de finale van 15 mei blijven wel te bekijken via de NOS, met Nederlands commentaar en omkadering.
Quid VRT?
De vraag die zich nu stelt, is of de kritiek in ons land uiteindelijk ook de VRT op de knieën krijgt. In een eerste reactie zeiden ze kennis te hebben genomen van het besluit bij de NPO:
VRT blijft bij de eerder genomen, voorwaardelijke beslissing om deel te nemen aan het Eurovisiesongfestival 2027. We hebben die keuze gemaakt op basis van onze eigen afweging en omdat we de noodzakelijke veranderingen binnen de EBU mee willen blijven ondersteunen en beïnvloeden. (…) We volgen de verdere ontwikkelingen binnen de EBU nauwgezet op en blijven vanuit die betrokkenheid bijdragen aan de noodzakelijke verandering. We evalueren onze positie op basis van die verandering.
Reacties