Het Songfestivalcircus verplaatste zich niet al te ver voor de achtenveertigste editie: na Tallinn was het nu de beurt aan Riga en omroep LTV om het Eurovisiesongfestival te organiseren. Net als vorig jaar sprong de Zweedse SVT bij voor technische ondersteuning.
Diep in de buidel
De Letse regering en het stadsbestuur van Riga moesten diep in de buidel tasten om het Songfestival mogelijk te maken. De Zweedse en Estse omroepen sprongen bij met technische onder- steuning. Een poging om de wedstrijd te houden vanuit een muziektent in openlucht, waarin tot 70.000 mensen konden plaatsnemen, werd afgeketst.
Wijzigingen
Er werden enkele opvallende wijzigingen in het reglement aangekondigd: vanaf dit jaar mochten alle liedjes deelnemen die na 1 oktober van het vorige jaar waren uitgebracht, tegenover 1 januari van hetzelfde jaar, wat de vorige datum was.
De gelijkstandregel werd ook aangepakt: sinds dit jaar wordt bij een ex aequo gekeken naar het aantal keren dat de landen punten kregen. Het land dat het vaakst beloond wordt, komt bovenaan te staan. Pas als dat aantal gelijk is, wordt er gekeken naar de gekregen topscores.
De meest ingrijpende wijziging in de regels zou zich pas in 2004 voltrekken, maar was al voor de editie van 2003 op antenne ging beklonken: om tegemoet te komen aan de groeiende vraag van Europese omroepen om deel te nemen, kondigde de EBU aan een halve finale in het leven te roepen om iedereen deel te laten nemen. Dit songfestival was het allerlaatste ooit dat op één avond gehouden werd.
De kritiek op de recente overwinningen en het gebruik van televoting bereikten ook de EBU-top. De Zweden opperden een nieuw systeem met verschillende voorrondes per Europese regio, maar dat kwam er niet. Wel raakte al in januari 2003 bekend dat er vanaf de editie van 2004 jaarlijks twee Songfestivaluitzendingen zouden komen.
De zogenaamde Grote Vier (Duitsland, Frankrijk, Spanje, het Verenigd Koninkrijk) waren samen met de top tien van het klassement van 2003 zeker van een plekje in de finale van 2004. De andere landen, inclusief een rist geïnteresseerde nieuwkomers, moesten vechten om tien finaleplekken in een halve fina- le. Dat maakte de sfeer rond het Letse scorebord nog meer gespannen dan in eerdere gastlanden.
Over 2003
De uitzending van het ESF 2003 begon met een kort stopmotionanimatiefilmpje, waarna de kijker de zaal werd ingeleid en kennismaakte met de presentatoren: Marie N, de winnares van 2002 en die al een maand na haar overwinning werd aangekondigd in deze rol, en Renārs Kaupers, die in 2000 als leadzanger van de groep Brainstorm derde was geëindigd. Ze kwamen op in bonte outfits die ze gelukkig al gauw uittrokken, waarna ze het publiek verwelkomden.
Na een kort filmpje over Letland werd via satelliet nog verbinding gemaakt met Lys Assia, de winnares van het allereerste songfestival in 1956, met het ISS, van waaruit twee astronauten de artiesten toespraken, en met zanger Elton John.
Na het kunst- en vliegwerk met satellieten begonnen de liedjes. De postkaartfilmpjes dit jaar hadden beelden moeten bevatten van zowel de nakende artiest tijdens de repetitieweek als beelden van Letse natuur, maar door tijdsgebrek was dat niet bij elk land het geval.

Renārs Kaupers & Marie N
Met 26 deelnemende landen was deze editie van de wedstrijd de grootste tot hiertoe. Verschillende Oost-Europese landen wilden debuteren, maar moesten allemaal nog geduldig afwachten tot die halve finale er was. Oekraïne mocht echter wél al deelnemen, en werd het eerste nieuwe land in de finale sinds 1998.
(VJR) Macedonië, Zwitserland, Finland, Denemarken en Litouwen waren de landen die voor de laatste keer gedwongen thuis moesten blijven, terwijl er wel weer plek was voor liedjes uit IJsland, Ierland, Portugal, Nederland, Noorwegen en Polen.
T.a.T.u.
Dit jaar was er geen enkele deelnemer met songfestivalervaring. De topfavorieten voor de uitzending waren net als vorig jaar Spanje, dat slechts achtste eindigde, en Rusland, dat het wereldwijd succesvolle meidenduo t.A.T.u. had gestrikt. Nagenoeg alle persaandacht tijdens de dagen voor de finale ging naar de dames.
Elena en Yulia hadden samen in 2002 een wereldhit had gescoord met All the Things She Said. Een deel van hun bekendheid en reputatie ging naar de vraag of ze al dan niet een koppel waren, en op verschillende optredens hadden ze elkaar gekust.
Dé vraag in Riga was of ze dat ook op het Songfestivalpodium zouden doen: de twee hadden ‘gedreigd’ met een lesbische kus tijdens hun optreden. Hun repetities verliepen chaotisch: vaak weigerden ze te zingen of zongen ze plots iets heel anders. Ook waren ze systematisch te laat opgedaagd bij hun repetities, wat hen een bedenkelijke reputatie én een officiële waarschuwing van de EBU hadden opgeleverd.
De Letse organisatie dreigde de Russen te diskwalificeren, naar verluidt zou de EBU een optreden van een generale repetitie achter de hand hebben gehouden om in de finale uit te zenden als de zangeressen het te bont zouden maken, maar zo ver kwam het niet. Ondanks boegeroep uit de zaal en een vocaal niet te sterk optreden, aten de televoters uit de verstrengelde handen van de meiden.
Succes was er ook voor Polen, dat zich met een drietalig liedje voor het eerst sinds zijn debuut negen jaar geleden nog eens in de top-10 van het klassement zong. De Oostenrijker Alf Poier zong zijn buitenissige nummer in het Stiermarks dialect en met kartonnen borden op het podium, en tot verbazing van velen boekte hij het beste resultaat voor zijn land in veertien jaar tijd.
Gastland Letland ging ten onder met enkel punten van de buren uit Estland, en ook het gastland van vorig jaar boekte zijn slechtste resultaat sinds 1994.
De ultieme vernedering was echter weggelegd voor de Britse groep Jemini, die geen enkel punt behaalde met het lied Cry Baby en zo de allereerste allerlaatste plek voor het Verenigd Koninkrijk genereerde.
Turkije had de zaken dit jaar helemaal anders aangepakt, en met succes: de grootste ster van het moment, Sertab Erener, had carte blanche gekregen. Ze was op de proppen gekomen met het eerste Engelstalige liedje dat de Turken op het songfestival zouden brengen, en hoewel ze slechts een outsider was bij de bookmakers en erg vroeg geloot was, bleek ze toch de meerderheid van de stemmen te krijgen.

Sertab Erener
België
België werd vertegenwoordigd door de folkgroep Urban Trad. De RTBF had voor het eerst sinds 1990 nog eens een interne selectie gehouden in plaats van een nationale finale op televisie. Sanomi werd de Belgische inzending, maar al snel was er gedoe rondom Urban Trad.
In februari 2003 had zangeres Soetkin Collier de kranten gehaald omdat ze in het oog werd gehouden door de Belgische staatsveiligheid wegens vermeende extreemrechtse sympathieën. Zo zou ze in 1996 een herdenking van Rudolf Hess, een naaste medewerker van Hitler, hebben bijgewoond. Collier heeft haar betrokkenheid altijd ontkend, maar de RTBF eiste dat ze vervangen werd.
Soetkin Collier werd niet definitief uit Urban Trad gezet, maar voor het Songfestival moest wel een vervangster worden gezocht. Die werd in eigen rangen gevonden: Marie-Sophie Talbot was achter- grondzangeres bij de groep en mocht eigenlijk niet mee naar Riga vanwege de regel die stelt dat er niet meer dan zes mensen op het podium mogen staan.
Ze werd tijdelijk gepromoveerd en mocht op het voorplan treden. Het lied moest daarom wel opnieuw worden opgenomen. Pas op 8 april, minder dan twee maanden voor de wedstrijd, verschenen de single en videoclip van de nieuwe versie van Sanomi.
Het werd het allereerste Songfestivalliedje ooit een compleet verzonnen taal. Dat sijpelde niet overal even goed door: in een voorbeschouwing schreef een Noorse krant dat het lied in het Vlaams gezongen werd.
Zowel de binnen- als buitenlandse media verwachtten niets van het nummer, maar tot ieders verbazing waren de Europese telestemmers in de ban van het nummer, en stemden ze massaal: België finishte als tweede, de hoogste klassering sinds de zege in 1986.
Urban Trad
In 2000 wilde Yves Barbieux Belgische wereldmuzikanten samenbrengen om een album met traditionele Europese muziek op te nemen. Het succes van dat album en de optredens die daaruit voortvloeiden, leidden tot de groep Urban Trad, die muziek maakte met duidelijke folk- en Keltische invloeden.
Eind 2002 werd Urban Trad gekozen als Songfestivalkandidaat, en dat werd een doorslaand succes. Na het nipte verlies werd Sanomi een hit en boerde het daaropvolgende album zeer goed. De groep trad op in verschillende landen in Europa en daarbuiten, maar het duurzame commerciële succes bleef uit.
Het zou nog een aantal maanden duren, maar in oktober 2003 kreeg Soetkin Collier eerherstel. Volgens De Standaard noemde een rapport dat de aanpak van de Staatsveiligheid beoordeelde de verspreide informatie ‘ongenuanceerd, ongecontroleerd en verouderd’.
Er was geen enkele aanleiding om ministers te verwittigen over het extreemrechtse verleden van Collier. De vrouw vormde geen enkele bedreiging voor de Belgi- sche staat of de democratie’, was erin te lezen. De zangeres liet weten verheugd te zijn, maar ook dat ze het nieuws opvallend genoeg in de media moest vernemen.
De volgende albums van Urban Trad zetten weinig zoden aan de dijk. De groep bleef optreden en albums uitbrengen, maar weer eerder in de ‘eigen’ kringen. Al in 2012 werd een eerste afscheid aangekondigd, maar drie jaar later maakte de groep een comeback.
Dat gebeurde weliswaar met een grotendeels andere bezetting en de komst van elektrische gitaren in plaats van doedelzakken en accordeons. In januari 2020 viel het doek definitief, met een afscheidsconcert in Leopoldsburg.
Nederland
Nederland werd vertegenwoordigd door zangeres Esther Hart. Zij had ook haar kans gewaagd in de Britse voorronde, en daar had ze ook de finale gehaald. Omdat Hart ook in haar thuisland won zag zich ertoe genoodzaakt om zich in het Verenigd Koninkrijk terug te trekken.
Het Nationaal Songfestival was flink uitgebreid, met vier halve finales en een finale, op 1 maart. One More Night won zowel de jurystemming als de televoting en mocht dus opnieuw opgevoerd worden in Riga. Esther Hart was een plekje in de top tien voorspeld, maar uiteindelijk strandde ze in de middenmoot.

Esther Hart
De pauze en de punten
De pauzeact was een kort filmpje met daarin ruimte voor een Letse folkgroep en de twee presentatoren, en daarna begon de stemming. Op drie landen na (Bosnië & Herzegovina, Rusland en Ierland) werd overal televoting gebruikt.
De Ierse kijkers konden wel degelijk stemmen, maar door een fout bij een telecommunicatiebedrijf waren die resultaten niet tijdig beschikbaar, waardoor de punten van een reservejury gebruikt werden. Dit scorebord was het eerste dat zo gestuurd werd dat de landen automatisch van positie wisselden als ze meer punten kregen dan andere landen, wat spannendere en meer dynamische stemrondes gaf.
De puntentelling begon, na een sterke start voor Noorwegen, als een verrassende triomftocht voor België. Spanje, Frankrijk en Polen kenden ons hun topscores toe – die eerste flink geholpen door de Spaanse roots van en pers- aandacht voor de ingevallen zangeres Verónica Codesal.
Al gauw werd duidelijk dat België, Rusland en Turkije de stemming domineerden. Met nog slechts drie landen te gaan stond Urban Trad vijftien punten voor op Sertab Erener, en leek de winst binnen hand- bereik. Maar nadat de Zweden ons puntenloos achterlieten, was de voorsprong al teruggelopen tot vijf punten.
De Slovenen mochten als laatste het lot beslechten. Een laatste topscore voor t.A.T.u., maar amper drie punten voor Urban Trad en tien voor Sertab Erener zorgden voor een nipte Turkse zege. Er zaten slechts drie puntjes verschil tussen de eerste en de derde plek, maar de Turken hadden hun eerste overwinning beet. De Belgen toonden zich goede verliezers en trakteerden de Turkse winnares met… Belgische chocolade.
De winnaar
Sertab Erener werd in 1964 geboren in een muzikaal Turks gezin. Ze groeide op met een voorliefde voor klassieke muziek en combineerde popmuziek met opera en avant-garde-invloeden. Ze begon profes- sioneel op te treden als zangeres in de jaren 1980 en nam enkele keren deel als lid van groepen aan Turkse Songfestivalvoorrondes.
Later nam haar carrière een vlucht en scoorde ze hit na hit in eigen land: haar eerste album ging een miljoen keer over de toonbank. Als ‘Turkse Madonna’ was ze een van de populairste zangeressen in Tur- kije toen ze door de Turkse omroep werd gevraagd om naar Riga te gaan, zonder voorronde.
Ze bracht het eerste volledig Engelstalige Turkse Songfestivallied, en met succes. Sertab won nipt van België, maar was daarvoor al geen onbekende voor ons land: ze had al opgetreden op het Sfinksfestival en Dranouter, en had al succesvol samengewerkt met Eurosong 1999-kandidaten Voice Male. Ze treedt nog steeds op in binnen- en buitenland. Haar twaalfde en recentste album verscheen in juni 2020.
Kijkcijfers
De Vlaamse kijkcijfers voor een editie met een ‘Waalse’ kandidaat waren opvallend hoog: met 1,43 miljoen kijkers was de uitzending vanuit Riga afgetekend het meest bekeken programma van de week. De VRT was al zeker van een plek in de finale van het volgende Songfestival en startte onmiddellijk met de voor- bereidingen van Eurosong 2004.
Hitsucces
Everyway That I Can werd een Europese hit, met eerste plekken in Zweden en Griekenland – maar in licht verbitterd België kwam het niet verder dan een zesde plek in de Vlaamse Ultratop 50.

Het scorebord
3
12
4
12
8
10
8
10
3
7
12
7
2
7
10
10
2
12
10
8
10
10
7
3
10
8
Reacties