Analyse

ANALYSE

Waarom Centraal- en Oost-Europa het Songfestival opnieuw omarmen

Terwijl sommige West-Europese landen het Songfestival de rug toekeren, wordt de wedstrijd in Centraal- en Oost-Europa meer dan ooit omarmd. Hoe is het zover kunnen komen? Financiële én maatschappelijke motieven spelen een rol.

Twee weken na het 70e Songfestival in Wenen kwamen al hoopvolle berichten uit landen als Noord-Macedonië, Hongarije en Slovakije over een (mogelijke) terugkeer naar de editie volgend jaar in Bulgarije.

Belgische deelname onzeker

Tegelijkertijd lijkt het er niet op dat landen als Ierland, IJsland en Spanje, die zich dit jaar terugtrokken, meteen zullen terugkeren. Ook de Belgische deelname in 2027 is nog steeds zeer onzeker.

Het zwaartepunt van het Eurovisiesongfestival verschuift steeds meer naar het oosten van het Europese continent. En terwijl dat niet voor het eerst is, verschilt deze situatie van de voorgaande.

Terug in de tijd

De zeven landen die op het eerste Songfestival in 1956 debuteerden, waren niet toevallig allemaal West-Europees. De EBU kon als koepelorganisatie geen toenadering zoeken tot de omroepen aan de rechterkant van het IJzeren Gordijn.

Daar werd het eigen Intervisienetwerk opgericht, inclusief een eigen variant op het Songfestival. Dat Intervision Song Contest keerde vorig jaar terug, met Vietnam als winnaar.

Hun eigen stempel

Maar al gauw breidde de Eurovisiefamilie uit, vooral naar het zuiden van Europa. Joegoslavië en Spanje debuteerden in 1961. In de decennia nadien volgden Portugal (1964), Malta (1971), Israël (1973), Griekenland (1974), Turkije (1975) en Cyprus (1981).

Vanaf de jaren 1990 debuteerden alle voormalige Joegoslavische en Sovjetstaten op het Songfestival. Ze drukten al gauw hun eigen stempel op de wedstrijd.

Televoting

De introductie van televoting in 1997 vormde de start van bloc voting en diasporastemmen. Daarvan profiteerden landen als Armenië, Griekenland, Oekraïne, Rusland en Turkije, die in de jaren 2000 geregeld topposities behaalden.

Als gevolg daarvan taande de interesse in West-Europese landen. Ook de prestaties op het scorebord stelden teleur.

Tussen 2005 en 2012 haalde Nederland geen enkele keer de Songfestivalfinale, België enkel in 2010 met Tom Dice en zijn gitaar.

play

Een nieuw elan

De terugkeer van vakjury’s in 2009 gaf de langdurige deelnemers langzaam maar zeker een nieuw elan. Zo wonnen landen als Duitsland, Oostenrijk, Nederland en Italië voor het eerst in meerdere decennia nog eens de wedstrijd.

De animo en kijkcijfers groeiden gestaag. In veel West-Europese landen groeide het Songfestival opnieuw uit tot een van de meest bekeken televisieshows van het jaar.

Boycot omwille van Israël

Maar dit jaar keerden Slovenië en vier westerse landen (Ierland, IJsland, Nederland en Spanje) de wedstrijd de rug toe uit onvrede met de deelname van Israël. Portugal en België twijfelden, maar namen toch deel in Wenen.

Moldavië, Bulgarije en Roemenië (foto) keerden na een of enkele jaren afwezigheid terug naar het Songfestival.

En met succes: alle drie de landen eindigden in de top tien in de finale, met Bulgarije zelfs als winnaar.

play

Een Centraal- en Oost-Europees feestje

Aangezien een terugkeer van de ‘boycotters’ volgend jaar onwaarschijnlijk lijkt en ook de Belgische deelname op losse schroeven staat, wordt het Songfestival meer en meer een Centraal- en Oost-Europees feestje.

Onderstaande kaarten, genomen van de Engelstalige Wikipediapagina’s van de twee afgelopen edities, visualiseren de verschuivende machtsverhoudingen binnen het Songfestival.

Blauw gemarkeerde landen namen deel in de betreffende edities en haalden de finale. (Landen in het rood namen deel, maar haalden de finale niet.) De grijze landen op de kaarten namen in het verleden deel, maar niet in de editie.

‘Een aangepaste uitnodiging’

De EBU en de terugkerende omroepen hebben het nooit formeel bevestigd, maar er zijn sterke indicaties dat die laatste een fikse korting kregen op het inschrijvingsgeld dit jaar.

In Roemenië bijvoorbeeld maakte de omroepbaas gewag van een ‘aangepaste uitnodiging (…) gezien de uitdagingen waar de omroep mee te maken heeft’.

Financieel haalbaarder

Mogelijk werd een vergelijkbare deal ook aangeboden aan de omroepen in landen als Noord-Macedonië, Hongarije en Slovakije, wat een terugkeer financieel haalbaarder maakt.

Ook de overwinning én ligging van Bulgarije speelt een belangrijke rol. De vervoers- en verblijfkosten zullen voor delegaties een stuk lager liggen dan op de afgelopen edities in dure landen als Oostenrijk, Zwitserland en Zweden. Als voorbeeld: Sofia is op alle vlakken ruim de helft goedkoper dan Bazel.

Kosten drukken

Tot slot is er ook het aangekondigde Aziatische Songfestival, dat op 14 november voor het eerst wordt gehouden in Bangkok.

De verkoop van het Songfestivalformat en de sterkere focus op merchandising in de officiële Songfestivalwebshop worden ook expliciet gebruikt als middelen om de kosten voor deelnemende omroepen te drukken.

De olifant in de kamer

En dan is er nog de Israëlische olifant in de kamer. De kwestie blijft de gemoederen bedaren, maar dan wel vooral in West-Europese landen. Zo eist VRT een open debat en stemming over de verdere deelname van omroep KAN.

In Oost-Europa is de steun voor Israël gemiddeld gezien groter. Daardoor speelt het issue minder bij plaatselijke overheden en omroepen en is de roep tot boycot ginds minder luid of helemaal onbestaande.

Momentum

De Songfestivalkaravaan verhuist volgend jaar naar een van zijn meest oostelijk gelegen locaties ooit. Dat wordt gezien als momentum voor omroepen uit landen die al lang niet meer deelnamen aan de wedstrijd om een terugkeer serieus te overwegen.

De grote vraag is hoe Westerse landen en omroepen zullen reageren en hoe de populariteit en aantrekkingskracht van de wedstrijd in onze contreien de komende jaren (on)gunstig zullen evolueren.

Advertentie