Riga 2003

logo
Datum
24-05-2003
Locatie
Riga
Aantal deelnemers
26
Terugkerende landen
Ierland, IJsland, Nederland, Noorwegen, Polen, Portugal
Terugtrekkende landen
Zwitserland, Denemarken, Finland, Litouwen, Macedonië
Presentatie
Marie N, Renārs Kaupers
Pauzeact
Iļģi
Stemsysteem
Elk land gaf 1 tot 12 punten, zonder 9 en 11, aan zijn top-10
Winnaar
Sertab Erener - Everyway That I Can (Turkije)

Het Songfestivalcircus verplaatste zich niet al te ver voor de achtenveertigste editie: na Tallinn was het nu de beurt aan Riga en omroep LTV om het Eurovisiesongfestival te organiseren. Net als vorig jaar sprong de Zweedse SVT bij voor technische ondersteuning.

Over 2003

Er werden enkele wijzigingen in het reglement aangekondigd: vanaf dit jaar mochten alle liedjes deelnemen die na 1 oktober van het vorige jaar waren uitgebracht, tegenover 1 januari van hetzelfde jaar, wat de vorige datum was. De gelijkstandregel werd ook aangepakt: sinds dit jaar wordt bij een ex aequo gekeken naar het aantal keren dat de landen punten kregen. Het land dat het vaakst beloond wordt, komt bovenaan te staan. Pas als dat aantal gelijk is, wordt er gekeken naar de gekregen topscores.

De meest ingrijpende wijziging in de regels zou zich pas in 2004 voltrekken, maar was al voor de editie van 2003 op antenne ging beklonken: om tegemoet te komen aan de groeiende vraag van Europese omroepen om deel te nemen, kondigde de EBU aan een halve finale in het leven te roepen om iedereen deel te laten nemen. Dit songfestival was het allerlaatste ooit dat op één avond gehouden werd.

De uitzending van het ESF 2003 begon met een kort stopmotionanimatiefilmpje, waarna de kijker de zaal werd ingeleid en kennismaakte met de presentatoren: Marie N, de winnares van 2002, en Renārs Kaupers, die in 2000 als leadzanger van de groep Brainstorm derde was geëindigd. Ze kwamen op in bonte outfits die ze gelukkig al gauw uittrokken, waarna ze het publiek verwelkomden. Na een kort filmpje over Letland werd via satelliet nog verbinding gemaakt met Lys Assia, de winnares van het allereerste songfestival in 1956, met het ISS, van waaruit twee astronauten de artiesten toespraken, en met zanger Elton John. Na het kunst- en vliegwerk met satellieten begonnen de liedjes. De postkaartfilmpjes dit jaar hadden beelden moeten bevatten van zowel de nakende artiest tijdens de repetitieweek als beelden van Letse natuur, maar door tijdsgebrek was dat niet bij elk land het geval.

Renārs Kaupers & Marie N

Met 26 deelnemende landen was deze editie van de wedstrijd de grootste tot hiertoe. Verschillende landen wilden debuteren, maar moesten allemaal nog geduldig afwachten tot die halve finale er was. Oekraïne mocht echter wél al deelnemen, en werd het eerste nieuwe land in de finale sinds 1998. (VJR) Macedonië, Zwitserland, Finland, Denemarken en Litouwen waren de landen die voor de laatste keer gedwongen thuis moesten blijven, terwijl er wel weer plek was voor liedjes uit IJsland, Ierland, Portugal, Nederland, Noorwegen en Polen.

De Oostenrijker Alf Poier zong zijn buitenissige nummer in het Stiermarks dialect en met kartonnen borden op het podium, en tot verbazing van velen boekte hij het beste resultaat voor zijn land in veertien jaar tijd. Turkije had de zaken dit jaar helemaal anders aangepakt, en met succes: de grootste ster van het moment, Sertab Erener, had carte blanche gekregen. Ze was op de proppen gekomen met het eerste Engelstalige liedje dat de Turken op het songfestival zouden brengen, en hoewel ze slechts een outsider was bij de bookmakers en erg vroeg geloot was, bleek ze toch de meerderheid van de stemmen te krijgen.

Sertab Erener

Dit jaar was er geen enkele deelnemer met songfestivalervaring. De topfavorieten voor de uitzending waren net als vorig jaar Spanje, dat slechts achtste eindigde, en Rusland, dat het wereldwijd succesvolle meidenduo t.A.T.u. had gestrikt. Julia en Lena hadden gedreigd met een lesbische kus tijdens hun optreden en waren systematisch te laat opgedaagd bij hun repetities, wat hen een bedenkelijke reputatie én een officiële waarschuwing van de EBU hadden opgeleverd. Naar verluidt zou de EBU een optreden van een generale repetitie achter de hand hebben gehouden om uit te zenden als de zangeressen het te bont zouden maken, maar zo ver kwam het niet. Ondanks boegeroep uit de zaal en een vocaal niet te sterk optreden, aten de televoters uit de verstrengelde handen van de meiden.

Succes was er ook voor Polen, dat zich met een drietalig liedje voor het eerst sinds zijn debuut negen jaar geleden nog eens in de top-10 van het klassement zong. Gastland Letland ging tenonder met enkel punten van de buren uit Estland, en ook het gastland van vorig jaar boekte zijn slechtste resultaat sinds 1994. De ultieme vernedering was echter weggelegd voor de Britse groep Jemini, die geen enkel punt behaalde met het lied Cry Baby en zo de allereerste allerlaatste plek voor het Verenigd Koninkrijk genereerde.

België en Nederland

België werd vertegenwoordigd door de folkgroep Urban Trad. De RTBF had voor het eerst sinds 1990 nog eens een interne selectie gehouden in plaats van een nationale finale op televisie. In februari 2003 had groepslid Soetkin Collier de kranten gehaald omdat ze in het oog werd gehouden door de Belgische staatsveiligheid wegens vermeende extreemrechtse sympathieën. Zo zou ze in 1996 een herdenking van Rudolf Hess, een naaste medewerker van Hitler, hebben bijgewoond. Collier heeft haar betrokkenheid altijd ontkend, maar de RTBF eiste dat ze vervangen werd. Marie-Sophie Talbot mocht in haar plaats naar Riga om daar Sanomi te zingen, het allereerste Songfestivalliedje ooit in een denkbeeldige taal. Zowel de binnen- als buitenlandse media verwachtten niets van het nummer, maar tot ieders verbazing waren de Europese telestemmers in de ban van het nummer, en stemden ze massaal.

Urban Trad

Nederland werd vertegenwoordigd door zangeres Esther Hart. Zij had ook haar kans gewaagd in de Britse voorronde, en daar had ze ook de finale gehaald. Hart zag zich ertoe genoodzaakt om zich terug te trekken, maar won dus ook in haar thuisland. Het Nationaal Songfestival was flink uitgebreid, met vier halve finales en een finale, op 1 maart. One More Night won zowel de jurystemming als de televoting en mocht dus opnieuw opgevoerd worden in Riga. Esther Hart was een plekje in de top tien voorspeld, maar uiteindelijk strandde ze in de middenmoot.

Esther Hart

De pauze en de punten

De pauzeact was een kort filmpje met daarin ruimte voor een Letse folkgroep en de twee presentatoren, en daarna begon de stemming. Op drie landen na (Bosnië & Herzegovina, Rusland en Ierland) werd overal televoting gebruikt. De Ierse kijkers konden wel degelijk stemmen, maar door een fout bij een telecommunicatiebedrijf waren die resultaten niet tijdig beschikbaar, waardoor de punten van een reservejury gebruikt werden. Dit scorebord was het eerste dat zo gestuurd werd dat de landen automatisch van positie wisselden als ze meer punten kregen dan andere landen, wat spannendere en meer dynamische stemrondes gaf.

Na een sterke start voor Noorwegen werd al gauw duidelijk dat België, Rusland en Turkije de stemming domineerden, en de Slovenen mochten als laatste het lot beslechten. Maar amper drie punten voor Urban Trad en tien voor Sertab Erener zorgden voor een nipte Turkse zege. Een laatste topscore voor t.A.T.u. zorgde voor slechts drie puntjes verschil tussen de eerste en de derde plek, maar de Turken hadden hun eerste overwinning beet. Everyway That I Can werd een Europese hit, met eerste plekken in Zweden en Griekenland – maar in licht verbitterd België kwam het niet verder dan een zesde plek in de Vlaamse Ultratop 50.

Het scorebord

Resultaten

Advertentie